DNA-onderzoek: wat heb jij eraan? (deel 1)

DNA-onderzoek kan laten zien welke van de veel voorkomende genenvariaties bij iemand aanwezig zijn, waardoor in een vroegtijdig stadium ontdekt kan worden wat voor risico je loopt op bepaalde symptomen of ziektes.
Er is wetenschappelijk aangetoond dat door verandering in bijvoorbeeld dieet of lifestyle invloed kan worden uitgeoefend op bepaalde processen die symptomen of ziektes creëren. Met andere woorden: uit DNA-onderzoek kunnen risicofactoren naar voren komen voor je fysieke en geestelijke gezondheid aan de hand waarvan een plan gemaakt kan worden om die factoren in positieve zin te beïnvloeden.

In dit eerste deel van een tweedelig blog over DNA-onderzoek personal style ga ik dieper in op wat DNA precies is en wat je ermee kunt doen.

DNA en genen

Iedere cel van je lichaam bevat DNA, wat beschouwd kan worden als het besturingssysteem van de cel; alle cellen samen vormen jou als individu. Je lichaam onderhoudt zichzelf door het maken van eiwitten, die bestaan uit ketens van aminozuren. Er zijn veel verschillende eiwitten, van de bekende als amylase (het stofje wat zetmeel afbreekt) en de dopaminereceptor (het eiwit dat aan dopamine bindt en het signaal aan de cel doorgeeft) tot minder bekende als Apolipoprotein E.  

Actieve stukjes van het DNA die ook daadwerkelijk gebruikt worden voor de vorming van een bepaald eiwit, noemen we de genen. De genen bepalen de bouw, afbraak en onderhoud van de eiwitten in het lichaam. Ons lichaam bevat ongeveer 25.000 verschillende genen, dit ‘pakket’ wordt ook wel het menselijk ‘genoom’ genoemd.

De genen worden bewaard in 46 chromosomen, waarvan je er 23 van je vader en 23 van je moeder geërfd hebt. Het is de blauwdruk van het leven, niet alleen voor ons mensen, maar ook voor planten, dieren, virussen en bacteriën. De verschillen tussen levende organismen zijn in principe gebaseerd op verschillen in het DNA.

Aminozuren

DNA bestaat uit twee kettingen, die om elkaar heen gedraaid en met elkaar verbonden zijn. Deze kettingen bestaan uit enorme hoeveelheden (meer dan 3 miljard) aan elkaar vastzittende nucleotiden (de moleculen adenine, thymine, cytosine en guanine, afgekort als A, T, C en G) in wisselende volgorde (sequentie). Een set van drie nucleotiden geeft een code voor een specifiek aminozuur. Meerdere aminozuren aan elkaar vormen de eiwitten waaruit wij zijn opgebouwd evenals eiwitten met allerlei verschillende functies in het lichaam. De eiwitten worden dus gebouwd uit aminozuren op basis van de code die in de genen zit.

De volgorde van de nucleotiden verschilt van persoon tot persoon, waardoor er andere eiwitten gemaakt worden of andere chemische processen actief zijn. Daardoor bevat het DNA een voor iedereen unieke code.

Genoom

Ons lichaam bevat ongeveer 30.000 verschillende genen, dit ‘pakket’ wordt ook wel het menselijk ‘genoom’ genoemd.

Rond 1990 is het ‘human genome project’ gestart, met als doel de complete menselijke genetische code te achterhalen en zo te gaan begrijpen hoe we bepaalde ziektes kunnen bestrijden. Dit is ongeveer 10 jaar later gelukt, maar hoewel we dus nu het hele menselijke genoom kunnen aflezen, zijn de functies van veel eiwitten nog onbekend.

Hoewel het grootste deel van je DNA niet verschilt van dat van andere mensen, is een klein gedeelte (<1%) van het DNA bij iedereen verschillend.  Sommige variaties komen vaak voor en daarvan weten we wat de gevolgen zijn, van andere is dat niet altijd even duidelijk

SNP’s en waarom ze interessant zijn

Er is ontdekt dat er bepaalde veel voorkomende variaties zijn in een aantal genen, de zogenaamde SNP’s (spreek uit: SNIPs). Hierbij is soms slechts een van de nucleotides verschillend van die bij de rest van de bevolking, waardoor een van de drieletterige codes die een aminozuur programmeren leidt tot een ander aminozuur, met de vorming van een ander eiwit tot gevolg. Een voorbeeld is SOD (superoxide dismuthase), een belangrijke anti-oxidant-eiwit dat in ons lichaam gemaakt wordt. Bij een verandering in dit eiwit vermindert de functie ervan, zodat het lichaam minder eigen anti-oxidant capaciteit heeft.

Dit soort variaties ofwel SNP’s zijn natuurlijk interessant om te weten. Wanneer je DNA onderzocht wordt, wordt er speciaal aandacht besteedt aan de SNP’s die aan de volgende voorwaarden voldoen:

  • Van de SNP weten we precies het effect in het lichaam
  • De SNP heeft invloed op biochemische processen die symptomen of ziektes creëren,
  • Er kan invloed uitgeoefend worden op deze symptomen of ziektes door veranderen van dieet of lifestyle
  • De SNP’s komen vaak voor in de bevolking
  • De uitkomst van interventie door veranderen van dieet/lifestyle is meetbaar

Nu is de opmerking: ‘your genes are not your destiny’ ook beter te begrijpen. Om nog maar eens het voorbeeld van SOD te gebruiken: als je een variant hebt van dit enzym waardoor het minder gemaakt wordt, kun je dit oplossen door zelf meer anti-oxidanten aan je dieet toe te voegen.

 

In deel 2 van dit blog ga ik dieper in op wat DNA-onderzoek voor jou kan betekenen: wat zegt het over waar je nu staat en hoe kun je daar invloed op uitoefenen.

Goed verhaal, ga ik delen

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on pinterest
Share on print
Share on email